Winnaars verkiezingen beste Leerbedrijf en Praktijkopleider Transport en Logistiek 2020 bekendgemaakt

Leren in de praktijk is een onmisbaar onderdeel van de opleiding voor de 500.000 mbo-studenten in ons land. Om het belang daarvan te onderstrepen heeft het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap de verkiezingen beste leerbedrijf en beste praktijkopleider ingesteld. Voor de sector transport en logistiek worden deze verkiezingen georganiseerd door Sectorinstituut Transport en Logistiek (STL). De uitslag werd onlangs bekend gemaakt: NNRD is het beste leerbedrijf en Bob Beijer is de beste praktijkopleider.

NNRD is beste Leerbedrijf Transport en Logistiek 2020
Een vakjury bezocht alle genomineerden en heeft het Noord-Nederlandse bedrijf NNRD beloond met de titel Beste Leerbedrijf Transport en Logistiek. De vakjury concludeerde unaniem: “NNRD excelleert op alle onderliggende beoordelingscriteria. Hiermee is het een allround hoogstaand leerbedrijf. Het opleiden van leerling-werknemers is een team effort. De continuïteit is geborgd. De begeleiding van leerlingen is organisatorisch stevig verankerd en is niet gebonden aan de inzet van een persoon. NNRD is een bedrijf met een hele open cultuur waar de mens centraal staat. Iedereen hoort erbij.”

Runners-up: Tieleman Transport en Aarts Transport
Ook voor de andere genomineerden waren er lovende woorden. De vakjury: “Tieleman Transport is een goed leerbedrijf, geworteld in de omgeving met aandacht voor leerlingen die elders uitvallen. Dat zij bij Tieleman een kans krijgen, wordt door de jury zeer gewaardeerd. Het bedrijf kent een gedegen opleidingstraject.” En over Aarts Transport: “Bijzonder zijn de innovatieve opleidingsinitiatieven en de bevlogenheid in het bedrijf voor maatschappelijk verantwoord ondernemen.” 

Bob Beijer is beste Praktijkopleider Transport en Logistiek
Bob Beijer (38), praktijkopleider bij Simon Loos Winkeldistributie Noord werd gekozen tot de beste Praktijkopleider Transport en Logistiek 2020. Op internet konden mensen stemmen op drie praktijkopleiders die op basis van een voorselectie waren genomineerd. Bob Beijer was met de meeste stemmen de publieksfavoriet. Bob Beijer: “Als de leerlingen het mbo-diploma hebben gehaald en hun rijbewijzen op zak hebben, is mijn missie geslaagd.” De jury roemt Bob om zijn inspirerende rol. “Hij probeert het beste uit iedereen te halen, ook al is daarvoor soms een extra inspanning nodig. Hij biedt kansen, creëert mogelijkheden, geeft niet snel op en laat iemand niet snel vallen.”

Ook in ’t zonnetje: Bennie Grave en René Vermeer
De vakjury: “Er kan er maar één de titel winnen, maar ook de andere genomineerden Bennie Grave (56), teamleider op de locaties Groningen en Veendam van SUEZ Recycling and Recovery Netherlands en René Vermeer (57) van Versteijnen Logistics beschouwen wij als een voorbeeld voor de branche. Leerbedrijven steunen in hoge mate op de vaak tomeloze inzet en het enthousiasme van de praktijkopleiders.” Zij zijn van groot belang voor de toekomst van de leerlingen, de leerbedrijven zelf en de sector als geheel.” 

De uitvoering van de organisatie van de verkiezingen komt tot stand in opdracht van de sociale partners TLN, VVT, FNV Transport en Logistiek en CNV Vakmensen en is mogelijk gemaakt dankzij SOOB.

Interview met Bob van Simon Loos

Laat die pareltjes maar glimmen

Bob Beijer (38) was jarenlang ‘bierrijder’. Hij werkt nog steeds in de horecabelevering, maar nu als resource-planner en praktijkopleider bij Simon Loos. Als praktijkopleider heeft hij op dit moment zeven jongeren onder zijn hoede. ‘Als ze het mbo-diploma hebben gehaald en hun rijbewijzen op zak hebben, is mijn missie geslaagd.’

‘Dit werk is niet voor iedereen weggelegd’, vertelt Bob. ‘In de horecabelevering moet je als chauffeur niet alleen goed kunnen rijden, maar ook flink kunnen sjouwen. Een fust bier weegt al zeventig kilo. Nou, dan weet je het wel. Daarom zijn het ook eigenlijk altijd jongens die dit werk graag willen doen. De meiden zijn van harte welkom hoor, maar die melden zich bij ons zelden of nooit aan als leerling-werknemer.’

Mentorchauffeur
Bij de start worden de leerlingen, na een korte introductie, wegwijs gemaakt in het bedrijf en gekoppeld aan een mentorchauffeur. ‘Dat is een groot voordeel’, zegt Bob. ‘Ze gaan meteen de weg op en dat is wat ze willen. Ze beginnen als bijrijder, halen in de loop van de tijd hun rijbewijzen en groeien door tot chauffeur. Ze leren het vak in de praktijk vooral van de mentorchauffeur. Dat zijn mannen die het werk tot in de puntjes beheersen. Ze kennen de horeca in Amsterdam en omgeving als geen ander, beheersen de trucjes om veilig te lossen en ze vinden het leuk om hun kennis op een leerling over te dragen.’

Netflixen
‘In het leerproces heb ik mijn eigen rol’, zegt Bob. ‘Ik zie de leerlingen elke dag.  Meestal is dat ’s ochtends bij het laden. Wat ik dan doe? Ik observeer een kwartiertje. Ik ga mij niet met hun werk bemoeien. En ik ben er natuurlijk als ze mij nodig hebben. Verder overleg ik regelmatig met de mentorchauffeur. Tweemaandelijks heb ik op een vast moment een gesprek met de leerling. Meestal weet ik het dan al wel als er iets speelt. Kijk, we laten hier veel over aan het eigen initiatief van de leerlingen, maar ik hou ze wel in de gaten. Als ik bijvoorbeeld hoor dat ze als bijrijder zitten te Netflixen onderweg, dan spreek ik ze direct aan.’

Mbo-diploma
Bob besteedt ongeveer tien procent van zijn werktijd aan de begeleiding van leerlingen. Daartoe behoort ook het overleg met STL en de school. Bob: ‘We praten over praktische zaken en de voortgang van de leerlingen. Ja, ik bemoei mij ook met hun schoolopdrachten. Want ik wil wel dat zij uiteindelijk het mbo-diploma halen. Dat is echt een voorwaarde om bij Simon Loos te blijven werken. Dat lukt overigens heel aardig. Meer dan negentig procent van de leerlingen komt na het leerwerktraject bij ons in dienst. De rest waaiert uit en vindt meestal emplooi bij een ander transportbedrijf. Ook mooi vinden wij. Chauffeurs zijn in de hele branche hard nodig en daar dragen wij graag ons steentje aan bij.’

Groeispurt
‘Weet je wat ik nou zo leuk vind aan dit onderdeel van mijn werk’, zegt Bob. ‘Dat je soms heel onverwacht een leerling enorm ziet groeien. Natuurlijk, groeien doen ze allemaal. Maar soms is er een die zo’n enorme sprong maakt. Zo had ik ooit een leerling-werknemer waarover ik eigenlijk een beetje mijn twijfels had. Een hele timide jongen. Nu is hij een van mijn beste mensen en al op jonge leeftijd mentorchauffeur. Ja, dat zijn wel de pareltjes waarvan je zelf ook een beetje gaat glimmen.’   Interview door: Peter Groothuijsse.

Interview met Jan Kuipers

‘Geef ze een kans.
Die heb je zelf vroeger ook gehad.’

Afvalinzamelaar NNRD is als leerbedrijf gepokt en gemazeld. Het bedrijf is populair bij de leerlingen en velen blijven er werken na hun opleiding. Bedrijfsleider Jan Kuipers: ‘Vanaf de eerste dag zijn het volwaardige werknemers. Ze dragen dezelfde bedrijfskleding als iedereen en krijgen dezelfde extra’s als ik. Wat dat betreft is er hier geen verschil tussen de bedrijfsleider en een leerling-werknemer.’

NNRD, onderdeel van de GP Groot groep, is gespecialiseerd in het inzamelen, transporteren en verwerken van diverse soorten bedrijfsafval. Het werkgebied is Friesland, Groningen en Drenthe. Het bedrijf heeft 65 chauffeurs in dienst en kent twee standplaatsen, Drachten en Groningen. Al meer dan twintig jaar is NNRD een leerbedrijf. ‘We hebben nog steeds zo’n tien chauffeurs in dienst die bij ons via STL zijn binnengekomen’, vertelt Jan Kuipers (48). Naast zijn taak als bedrijfsleider is hij eindverantwoordelijk voor de begeleiding van de leerling-werknemers. Kuipers: ‘Dat doe ik samen met STL, het Friesland College, onze planner Rene Komduur en natuurlijk de chauffeurs. We zijn een hecht team die van de leerlingen volwaardige chauffeurs maakt.’

Altijd jongens
Leerlingen komen meestal binnen via STL. Als ze zich direct aanmelden worden ze naar STL verwezen. Kuipers: ‘De financiële afwikkeling is dan in orde en het is prettig dat STL-adviseur Klaas de Haan meekijkt bij de selectie. Na al die jaren weet hij precies wat wij zoeken. Uiteindelijk neem ik de jongens aan. Ja, het zijn altijd jongens. Meiden zien we nauwelijks hoewel het werk niet zwaar is. Vervolgens draag ik ze over aan Rene. Hij is de praktijkopleider en heeft daarvoor een cursus bij STL gevolgd. Rene begeleidt de leerlingen in het veld. Gemiddeld hebben we vier leerlingen aan het werk. Meer kunnen we eigenlijk niet aan. De begeleiding moet wel in orde zijn. Daardoor moeten we soms een kandidaat afwijzen.’

Veiligheid voorop
Je moet 18 jaar of ouder zijn als je bij NNRD leerling-werknemer wilt worden. Kuipers: ‘Jonger vinden we onverantwoord. Leerlingen beginnen meteen op de kraakperswagen en veiligheid staat voorop. Rene koppelt de leerlingen aan een chauffeur en heeft dagelijks contact met ze. Ze horen van hem met wie ze meegaan en hoe laat ze moeten beginnen. Als er iets is, hoort Rene dat van de chauffeurs. We koppelen de leerlingen natuurlijk aan chauffeurs die goed met jongeren kunnen omgaan. Er moet een klik zijn, want je zit wel de hele dag samen op de wagen. Natuurlijk worden ook die chauffeurs weleens ongeduldig. Maar dan zegt Rene altijd: Geef ze een kans. Die heb je zelf vroeger ook gehad. De leerlingen leren onderweg van alles. Te beginnen met kennis over veiligheid in en om de wagen. Ze leren rolcontainers legen, omgaan met klanten, houden de administratie bij op hun boordcomputer en verwerven routekennis. Hebben ze hun C-rijbewijs behaald, dan kunnen ze zelfstandig aan de slag, mits ze het vak in de vingers hebben. Het einddoel is natuurlijk het rijbewijs CE. Dat halen ze allemaal, evenals hun schooldiploma.’ 

Sterren schitteren
NNRD wil dat de leerling-werknemers zich ontwikkelen tot volwaardige chauffeurs en bij het bedrijf blijven werken. Jan Kuipers: ‘Dat lukt meestal. Het is natuurlijk ook een fantastisch vak. Je rijdt de hele provincie door, ziet van alles, komt in dorpen en steden en je bent veel in de buitenlucht. Soms hebben ze een extra zetje nodig. Er is weleens een situatie thuis of op school. Dan zit ik met de ouders om tafel of met de schoolbegeleider. Ach, het is de jeugd. Die pak je bij de hand. Dan begeleid ik ze bij de schoolopdrachten. Nee, ik zeg niks voor hoor, maar ik ondersteun ze wel. Weet je, het zijn misschien niet allemaal sterren in theoretische vakken maar als ze willen, schitteren ze wel op de wagen. Daar zorgen wij met z’n allen voor.’ ‹‹

Interview door: Peter Groothuijsse