Romy Roeper (29) weet nog precies wanneer ze besloot de zorg in te gaan. Ze was acht jaar en haar opa was opgenomen op de hartbewaking. “Daar stond ik dan, als klein meisje. Ik zag al die apparatuur, al die verpleegkundigen, specialisten, cardiologen. Toen dacht ik: wauw, dit wil ik ook.”

Ze wilde haar havodiploma halen en daarna starten met de hbo-opleiding verpleegkundige.  “Maar ik redde het niet op de havo en moest terug naar de mavo. Ik weet nog goed hoe teleurgesteld ik was. Ik dacht dat ik mijn droom om verpleegkundige te worden wel kon vergeten,” blikt ze terug. Toch gaf  ze niet op. Ze koos een andere route en startte na de mavo met de mbo-opleiding verpleegkunde. “Ik wist het zó zeker: dit is wat ik wil.”

Leren van levensverhalen

Haar eerste stage maakte meteen diepe indruk. “Ik stond ineens aan de andere kant van het bed. Niet meer als kleindochter, maar als stagiaire verpleegkundige. Ik was net achttien. Op die leeftijd dacht ik dat ik de hele wereld aankon en al veel wist. Dat veranderde toen ik met kwetsbare mensen ging werken.”

Ze luisterde naar verhalen van mensen die in de oorlog hadden gevochten en concentratiekampen hadden overleefd of de watersnoodramp hadden meegemaakt.

“Ik ontdekte dat ik nog maar een ‘broekie’ was.” Die ontmoetingen maakten diepe indruk en zorgden voor een groot respect voor ouderen. Romy raakte zelfs gefascineerd door geschiedenis. “Op school was ik er slecht in, maar hier kwam het ineens binnen. Mensen met dementie weten soms weinig van gisteren, maar alles van vroeger vertellen ze zo gedetailleerd. Dat vond ik prachtig.”

Tijdens haar opleiding wilde Romy zoveel mogelijk zien en leren. Ze liep stage in de ouderenzorg, de thuiszorg, gehandicaptenzorg én werkte als uitzendkracht. “Ik was heel leergierig en wilde alle doelgroepen leren kennen, alle organisaties, alle visies.”

Groeien in het ziekenhuis

Vijf jaar nadat ze haar diploma had gehaald, maakte Romy de overstap naar het ziekenhuis. Ze kreeg een baan op de afdeling interne geneeskunde. “Weer ging er een wereld voor me open. Weer kwam het besef dat ik nog zoveel te leren had. In de ouderen- en gehandicaptenzorg zag ik veel mensen met diabetes, long- of hartproblemen. Op de interne geneeskunde zit je juist in het proces vóór de diagnose. Dan gaat het over vragen als: wat zijn de signalen? Waar moeten we op letten? Wat gaan we doen? Ik zat er altijd met mijn neus bovenop, want ik wilde alles weten.”

Toch koos ze er uiteindelijk voor om terug te keren naar de ouderenzorg. “Ik miste het. Ik had veel geleerd in het ziekenhuis, maar ik wilde juist het beste maken van de laatste jaren die mensen nog hebben.”

Schakel tussen afdelingen en artsen

Ze ging aan de slag als ambulant verpleegkundige bij Argos Zorggroep. Een veelzijdige functie, die vraagt om klinisch denkvermogen. “Ik zeg altijd: ik ben de schakel tussen de afdelingen en de artsen.” Ze wordt ingeschakeld bij acute situaties: een cliënt die is gevallen, een plotseling lage zuurstofwaarde of andere veranderingen in de gezondheidstoestand. “Dan moet je snel het dossier kennen, de achtergrond begrijpen, overleggen met de arts en instructies geven aan de afdeling. Veel coördineren, maar soms ook gesprekken voeren met de familie. Dat kunnen best pittige gesprekken zijn.”

En hoewel haar functie vooral overstijgend is, blijft ze onderdeel van het team. “Als er onderbezetting is, dan stropen we allemaal de mouwen op. Dan help ik net zo goed met medicatie uitdelen of met het wassen van bewoners. We doen het samen.”

Warmte en waardering

Voor mensen die twijfelen over een baan in de zorg is Romy helder: “Het is het mooiste beroep dat ik kan bedenken. Je staat dicht bij de mens en leert zoveel van ouderen.” Haar advies is eenvoudig: loop een dagje mee. “Maak een praatje met de bewoners, ga samen naar buiten, maak een wandeling. Dan voel je vanzelf de warmte en de waardering van bewoners en hun familie.”

Een kansrijke branche

Volgens Romy biedt de zorg volop kansen. “Pak de mogelijkheden die er zijn. Denk niet te snel: dit is te veel, dit is nieuw, dit lukt me niet. Zoek juist die verantwoordelijkheden op.” Daarbij is een betrokken werkgever belangrijk, vindt ze. “Je hebt iemand nodig die niet alleen in de zorg wil investeren, maar ook in jou. Zodat jij uiteindelijk je steentje kunt bijdragen aan goede zorg voor cliënten.”

Zelf heeft ze die kans ook gekregen van Argos Zorggroep. “Zal ik je iets vertellen? Die hbo-opleiding waar ik als klein meisje van droomde, ga ik dit jaar alsnog doen. In september begin ik. Ik wil mezelf blijven ontwikkelen en hoop dat ik zo meer kan bijdragen aan nieuwerezorg.”

Op de achtergrond speelt de geschiedenis van haar opa nog altijd mee. Hij overleed vorig jaar april. De drive van dat achtjarige meisje op de hartbewaking is alleen maar sterker geworden. “Voor hem kan ik niets meer doen, maar wie weet hoeveel mensen ik in de toekomst nog kan helpen. Ik blijf naar school gaan, ik wil leren.”

Laat een review achter
Review