‘Ik ben een blije en trotse voorzitter’

Voorzitter van de MBO Raad, Adnan Tekin

‘Het is een bijzondere tijd en in alle branches schreeuwen ze om vakmensen. Je moet dus vooral voor de richting kiezen die jij leuk vindt. Dat is goed voor de samenleving en de economie. Maar belangrijker nog: jij wordt daar zelf gelukkig van.’ Dat zegt Adnan Tekin, voorzitter van de MBO Raad.

Dat hij nu op deze plek zit, is eigenlijk best logisch. Als geboren en getogen Amsterdammer zag Tekin veel jongeren buiten de boot vallen. Later leerde hij als politiek assistent van de wethouder Onderwijs binnen de gemeente Amsterdam onder andere hoe belangrijk scholing is voor de ontwikkeling van het zelfvertrouwen van jonge mensen en hoeveel positieve invloed dat dan weer heeft op de maatschappij. Als gedeputeerde in Noord-Holland was hij onder andere verantwoordelijk voor de portefeuille Onderwijs en Arbeidsmarkt. Op die post realiseerde hij zich nog meer dat de mbo-instellingen en de samenleving elkaar echt hard nodig hebben. 

Tekin vertelt: ’Ik heb altijd veel met scholing gehad en maak me graag sterk om kinderen en jongeren te helpen vooruit te komen. Een behoorlijk grote groep heeft nog geen diploma en gaat niet – of niet meer – naar school. Daar wil ik heel graag verandering in brengen. Scholing is goed voor je. Je ontdekt wie je bent en waar je talenten liggen. Een mbo-school is er om je te leren hoe je volwaardig kunt deelnemen aan de maatschappij en hoe je met andere mensen kan omgaan. Maar je leert natuurlijk ook een mooi vak dat bij je past en zo bouw je aan je toekomst en aan de toekomst van Nederland.’

Vakmensen zijn echt van belang 
Als afgestudeerde mbo’er is de kans heel erg groot dat je snel een baan vindt met een goed salaris. Een beroep uitoefenen en trots zijn op wat je doet, is veel leuker dan dag in dag uit op de bank zitten. Of rondhangen op straat. Je kunt er ook voor kiezen een vervolgopleiding te doen. Dat kan op een hoger niveau in het mbo of op het hbo. Tekin: ’Het mbo heeft een huwelijk met de samenleving. Er is een groot tekort aan vakmensen en zonder die vakmensen gaat het echt allemaal niet lukken. Met het gereedschap dat je krijgt tijdens je opleiding, kan je de arbeidsmarkt op. Daar kun je verder groeien, want natuurlijk blijf je jezelf ontwikkelen. Dat moet ook wel, want de technologie staat niet stil en we weten nu nog niet welke kennis en vaardigheden we straks nodig hebben om kwaliteit te blijven leveren. Zo blijf je flexibel.’

Waardering voor het mbo
Nederland telt 60 mbo-instellingen. Daarbij horen de roc’s, de agrarische opleidingscentra en de vakinstellingen. In totaal tellen de mbo’s zo’n 500.000 studenten en zijn er 45.000 medewerkers in de sector aan het werk. Tegelijkertijd is het gek genoeg de meest ondergewaardeerde onderwijssector in het land. Belachelijk eigenlijk. Tekin: ‘De status van en de waardering voor het mbo-onderwijs blijft achter, terwijl we al die goed opgeleide vakmensen harder nodig hebben dan ooit. De samenwerking van het mbo met het bedrijfsleven is top. Ik vind ook dat het de hoogste tijd is dat de overheid meer geld gaat geven aan het mbo. Dat is nodig om het niveau 2 onderwijs te behouden. Alleen met die steun kunnen we maatwerk leveren en het onderwijs aantrekkelijker maken voor de doelgroep die nu langs de kant blijft staan. Het mes snijdt uiteindelijk aan twee kanten: we krijgen meer vakmensen en lossen zo de tekorten op én nog meer mensen gaan meedoen en krijgen een leuker leven.’ ‹‹

De MBO Raad versterkt de positie van het mbo als essentiële schakel in de ontwikkeling van jongeren en volwassenen, als burger en als beroepsbeoefenaar, tot het eerste diploma en vanaf daar tijdens een leven lang ontwikkelen. De MBO Raad staat voor kwalitatief hoogwaardig, innovatief en inclusief beroepsonderwijs dat bijdraagt aan de (economische) welvaart en het welzijn van Nederland als geheel.